De Weidse Waarden streeft met behulp van de Kringloopwijzer IMG 5213naar meer opbrengst van de eigen grond en een betere benutting van het eigen ruwvoer. Het is de vraag hoe dit praktisch toegepast kan worden, want werken met de resultaten van de Kringloopwijzer vraagt veel kennis en kunde. Het delen en uitwisselen daarvan stond op woensdag 17 september centraal bij de Graslanddemo op het Kampereiland, een themabijeenkomst over doorzaaien, bodem en beweiding. De conclusie was helder: werken volgens de kringloopgedachte betekent zoeken naar methodes en toepassingen die passen bij elk specifiek agrarisch bedrijf. Een kwestie van experimenteren, ervaren en leren.

Weidse Waarden wordt ondersteund door Boerenverstand en PPP Agro Advies. Deze specialisten brengen hun ervaring in en ondersteunen de deelnemende ondernemers met studiegroepen en themabijeenkomsten. De melkveehouders Jan Anne Roetman en Berwoud Koster zorgen als boerencoaches voor de rechtstreekse koppeling met de deelnemende ondernemers in het gebied. Samen met de adviseurs stellen zij elk half jaar actuele onderzoeksvragen op. Waar willen we over een half jaar meer over weten en welke kennis is er nodig om vooruit te komen? Elke halfjaarcyclus zal bestaan uit de componenten leren, proberen en oogsten, om vervolgens weer te leren.

Inzet studenten CAH Vilentum

140917 Jeroen Nolles grasland excursie IJsseldelta 2Bij het beantwoorden van de onderzoeksvragen worden studenten van CAH Vilentum uit Dronten ingeschakeld. Ze zullen actief zijn bij experimenten op verschillende percelen van diverse boeren op het Kampereiland. Tijdens de graslanddemo konden ze voor het eerst met elkaar kennismaken en vanaf nu gaan ze, begeleid door hun docent en hun opdrachtgever, aan de slag. Ze gaan proeven opzetten, meten en ze assisteren melkveehouders in het veldwerk. En zoals dat altijd gaat met frisse jonge geesten, komen ze gegarandeerd met onverwacht creatief advies. Volgens CAH-docent Ron Methorst belooft het een vruchtbare samenwerking te worden: "praktijkvragen over kringlooplandbouw kunnen op een betaalbare manier worden opgelost en studenten leren onderzoek doen in de echte praktijk. Uiteindelijk profiteren alle boeren van de opgedane kennis die middels de studiegroepen en de themadagen verspreid wordt. Samen met de kennis van de melkveehouders, de boerencoaches en de adviseurs ontstaat zo een krachtige samenwerking."

‘Samen groeien in kennis en kunde’

"We gaan samen groeien in kennis en kunde." Met die bewoordingen zette boerencoach Jan Anne Roetman het pad uit voor de kringloopboeren. Een pad dat het gezelschap die middag na enkele korte lezingen in Ontmoetingscentrum Ons Erf leidde naar de plek waar het allemaal gebeuren moest: de graslanden van het Kampereiland. Hieronder volgt een korte impressie van de ervaringen van die middag.

Lezing Doorzaaien: ‘er is niet één wijsheid!’
(Arjan Mager, For Farmers Hendrix)

Wordt het doorzaaien of gaan we toch opnieuw helemaal inzaaien bij graslandverbetering? Net als elders in Nederland, hebben ook diverse melkveehouders op Kampereiland hun twijfels over doorzaaien. Volgens Arjan Mager is er evenwel niet één wijsheid over dit vraagstuk. "De opbrengsten van doorzaaien zijn zeker op korte termijn vaak moeilijk kwantificeerbaar. Je kunt het beste afgaan op je opgedane ervaringen. Ben je tevreden? Ga dan vooral door."

"Waar de ene ondernemer kritisch is, is de ander juist heel enthousiast. Je moet het echter juist heel nuchter bekijken. Er spelen immers enorm veel aspecten mee in je besluit om door te zaaien of toch maar over te gaan op het veel duurdere, volledig herinzaaien: de staat van het veld, de mix van grassoorten die er staat, enzovoort.  Is de afwatering van het perceel slecht? Dan helpt doorzaaien ook niet.  Maar als je moeilijke grond hebt met een lage draagkracht en berijdbaarheid, kan doorzaaien juist de betere keuze zijn. Ook het tijdstip van doorzaaien speelt een belangrijke rol. Moet je doorzaaien in het voorjaar of juist in het najaar? Dat hangt sterk af van de concurrentie van de bestaande grassen en de onkruiddruk. De kiemomstandigheden spelen een belangrijke rol, zoals de bodemtemperatuur en de vochttoestand. Het resultaat van doorzaaien kan worden verbeterd door extra kort te maaien vlak voor het doorzaaien. Daarmee geef je het jonge nieuwe gras een betere concurrentiepositie ten opzichte van de bestaande slechtere grassen.

Lezing Beweiding: Gebruik van nieuwe techniekenIMG 5213
(Jeroen Nolles, Groen Kennisnet/CAH Vilentum)

In Nieuw Zeeland en  Engeland wachten we op die ‘magic day’, het moment dat er meer gras groeit dan er nodig is voor beweiding. Men is daar veel meer bezig met graslandmanagement en het meten van opbrengsten. In ons land kennen we dit nog niet en ligt de focus vaak meer op voeren in de stal. Volgens Jeroen Nolles moeten we rationeler en planmatiger met beweiding omgaan. Opkomende ICT-ontwikkelingen helpen daarbij.

"In het verleden deden we er vaak heel gemakkelijk over. Alle percelen werden op dezelfde manier bemest, zonder dat er gekeken werd naar opbrengst en behoefte. Nu moeten we veel meer perceelgericht aan de slag. Daarbij komen er naast de oude vertrouwde graslandkalender steeds meer nieuwe managementprogramma’s ter beschikking. De opbrengst van het grasland kun je meten tijdens de wekelijkse farm walk met een elektronische grashoogtemeter ondersteunt door een app.  In een eenvoudig spreadsheetje kun je vervolgens goed zien hoeveel rendement je uit je weidegras kunt halen en daarmee sturen op voerkosten. Graslandmanagement wordt daarmee eenvoudiger uitvoerbaar en leidt dan ook tot een hogere efficiëntie."

Bodemconditiemeting: Kennis opdoen uit een kluit

IMG 5210Op het land van Gijs van Dijk, waar dit voorjaar nog een grasland doorzaai demonstratie werd gehouden, werd een bodemconditiescoremeting uitgevoerd.  Adviseur Erik Smale (Boerenverstand) verschafte boeren en studenten inzicht in de geheimen van de bodem aan de hand van een kluit die hij één spade diep uit het weiland haalde.

"Wormen bepalen onder andere de waterdoorlatendheid in de bodem. In een kluit van 20x20x20 centimeter moeten maar liefst 20 wormen zitten. Dat zit hier wel goed. Hou er in droge periodes rekening mee dat wormen dieper zitten. In deze kluit zitten overigens ook pendelaarwormen. Die bewegen zich verticaal, tot enkele meters diep, en doorboren daarbij verschillende bodemlagen. Dat zit hier dus goed. Ook zie je her en der wat gekleurde vlekken op de kluit. Dat is roestvorming, dit betekent ten eerste dat er ijzer in de grond zit en ten tweede dat de waterdoorlaatbaarheid te wensen overlaat."

"Laten we nu eens de bodemstructuur bekijken. Als we in de kuil die we hebben gegraven een plamuurmes recht naar beneden steken, kunnen we kijken of er ergens weerstand is. Dat kan wijzen op ongewenste bodemverdichting, maar zo te zien is daarvan geen sprake hier. En wat zegt ons de grootte van de kluiten? We zien dat de grond neigt naar grote kluiten en dat is matig, maar de kluiten zijn niet scherp of hoekig en dat is dan weer positief. Wortels willen het liefst fijne, kruimelige lagen. "

"Volgens Gijs is er na een flinke bui regen geen plasvorming en bij droogte vormen zich geen scheuren. Ook van spoorvorming of vertrapping is amper sprake. Kortom, als we dit allemaal invullen in de bodemconditiescore, dan zien we dat dit weiland van Gijs met 38 punten heel goed scoort, hoewel we voor een compleet beeld natuurlijk beter op meerdere plekken op dit perceel deze test moeten doen. Zelfs op één perceel kan de bodemgesteldheid heel erg wisselen, zeker op het Kampereiland."

Farm Walk:  Grazing tips from the outback

Het land van Dries ten Hove ligt er mooi bij. Hier en daar zijn er weliswaar wat lichte sporen maar het grasIMG 5226 wuift prachtig heen en weer bij een warme nazomerse bries. Met verschillende grashoogtemeters worden wat tests gedaan en al snel ontstaat een discussie over de gewenste maaihoogte. Aubrey Pellet en zijn vrouw zijn er óók bij. Samen runnen ze een melkveebedrijf in Australië. Ze bezoeken de graslanddemo als onderdeel van hun werktoernee door Europa. Het stel heeft nuttige tips  ‘from the outback’.

"In Australië gebruiken we bij een farm walk niet alleen de grasland-hoogtemeter. Wij kijken ook heel nauwkeurig naar het groeistadium waarin een grasplant zich bevindt. Zo let ik erop dat er bij het 3-bladsstadium wordt ingeschaard en dat er steeds minimaal één groeipunt blijft staan na beweiden. De plant kan dan daarna weer optimaal doorgroeien. In Australië is er groeiende aandacht  voor het gevaar dat er wordt geweid met te zware koeien. Dit in verband met de draagkracht van de bodem, maar ook in verband met de voerefficiëntie. Op ons bedrijf streven we naar koeien met een gewicht tussen de 550 en 600 kg."